Vlaams Minister 

Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding (2019-2022)

Als minister van welzijn zorgde Wouter voor een nooit geziene stijging van het welzijnsbudget in Vlaanderen.

Voor het eerst in de geschiedenis is met ons zorginvesteringsplan de wachtlijst voor personen met een handicap met de zwaarste zorgnoden (de prioriteitengroep één) volledig weggewerkt en dit met 400 miljoen euro extra die er na de regeringsvorming en tijdens de legislatuur bijgekomen is, is de hervorming in de ouderenzorg met het omzetten van de ROB in RVT bedden volledig doorgevoerd, is een duurzame financiering van de woonzorgcentra gerealiseerd, is er een historisch sociaal akkoord met een extra jaarlijkse injectie – bovenop wat in het regeerakkoord werd afgesproken - in welzijn en zorg van 577 miljoen afgesloten, zijn de eerstelijnszones uitgebouwd en op die manier de basis voor een toekomstig gezondheidsbeleid gelegd, zullen nu meer zeldzame ziektes zoals SMA (baby Pia) gescreend worden, zijn er op 133 plaatsen in Vlaanderen zorgzame buurten opgestart, is er met het plan ‘Zorgen voor Morgen’ een antwoord op de uitdagingen in verband met het mentaal welzijn gegeven, is er geïnvesteerd in de centra geestelijke gezondheid en de centra voor ambulante revalidatie, zijn er 30 overkophuizen opgestart, en is er voor maar liefst één 1 miljard euro investeringen in ziekenhuisinfrastuctuur beslist.  

 

Ook in de kinderopvang – die fel onder vuur is komen te liggen - werden resultaten geboekt.  Zo is er beslist om 7000 bijkomende plaatsen te creëren, is de kinderopvang meegenomen in een sociaal akkoord om op die manier de arbeidsvoorwaarden en de kwaliteit van de kinderopvang te verbeteren. Het budget van de kinderopvang stijgt daardoor met meer dan 120 miljoen euro of 23 % deze legislatuur. Ook startte Wouter in 2021 met een traject voor een toekomstvisie voor onze kinderen. Met ‘vroeg en nabij’ werden oefeningen opgestart om te komen tot een geïntegreerd gezins- en jeugdbeleid, waaronder de kinderopvang.

 

Ook werden de fundamenten gelegd voor een visie van zorg en welzijn op de toekomst, namelijk geïntegreerde zorg en dit door de invoering van een nieuw inschalingsinstrument (belrai), het integreren van het departement welzijn met het Agentschap Zorg, etc.

 

Veel van deze realisaties werden naar de achtergrond weggedrukt door het coronavirus dat plots heel de wereld in een pandemie heeft gestort en veel energie en aandacht opeisten.  Besmettingen, uitbraken, het op koers houden van het aanbod in zorg en welzijn, het financieel compenseren met honderden en honderden miljoenen euro’s voor de sectoren in zorg en welzijn om de continuïteit van de werking te garanderen, enzovoort.

 

Het moeilijke evenwicht tussen de strijd tegen het virus en het oog voor het mentale welbevinden was voortdurend balanceren op een slappe koord.  Het ene – volksgezondheid – stond voortdurend op gespannen voet met het andere – welzijn.  Maar de koord werd ook strak gespannen om ons uit deze pandemie te sleuren. Als voorzitter van de Interministeriële Conferentie Volksgezondheid had Wouter de leiding van de vaccinatiecampagne.  Die campagne zette Vlaanderen op de wereldkaart.  De eerste lijn werd hiervoor als basis ingezet, met het Agentschap Zorg en Gezondheid werd een stevige backoffice uitgebouwd en de mobilisatiekracht van het sociaal kapitaal van Vlaanderen met zijn duizenden en duizenden vrijwilligers werd aangeboord.  Het zorgde ervoor dat Vlaanderen een van de hoogste vaccinatiegraden ter wereld kon optekenen.  
 

Wouter Vlaams 3.jpeg
Wouter Vlaams 1.jpeg
Wouter Vlaams 2.jpeg