Homofobie los je niet op door de Grondwet te wijzigen (Opinie in De Standaard)

16-03-2018

Wat is de toegevoegde waarde van een preambule voor de Grondwet, vragen Wouter Beke en Servais Verherstraeten zich af. Alle recente voorstellen dienen vooral de eigen politieke agenda.

Als we afgaan op de voorstellen die de voorbije twee jaar gelanceerd zijn, ook deze week nog in deze krant (DS 14 maart), is de Belgische Grondwet hip geworden. Dat is lang anders geweest. Wijzigingen aan onze Grondwet zijn eerder zeldzaam, met uitzondering van de opeenvolgende staatshervormingen die we met CD&V realiseerden.

Onze Grondwet was in 1831 een modelgrondwet. Veel artikelen, vooral die over de rechten en vrijheden, zijn sedertdien ongewijzigd gebleven. Dat illustreert dat ze bijzonder goed bestand zijn tegen maatschappelijke evoluties en trends. Die duurzaamheid is een goede zaak, omdat een grondwet hét juridische basisdocument is dat de relaties tussen de burgers en de overheid, en de organisatie van onze staat in algemene zin regelt. Een grondwet die niet bestand is tegen de waan van de dag, is geen goede grondwet.

Het debat om de Grondwet aan te passen, is niet nieuw. Tijdens de legislatuur 2003-2007 stelde een werkgroep in de Kamercommissie Grondwet, ondersteund door twee experts, een uitvoerig verslag op met voorstellen voor een algemene en samenhangende actualisering van Titel II van de Grondwet (de Belgen en hun rechten). Deze voorstellen wilden de bestaande rechten en vrijheden vooral uitbreiden.

Geen vodje papier

De laatste jaren zien we iets opmerkelijks gebeuren. Enerzijds willen bepaalde partijen sommige vrijheden en rechten beperken, anderzijds pleit men ervoor om bestaande principes zoals de scheiding tussen kerk en staat 'duidelijker te maken'. In beide gevallen wordt gewezen op de gewijzigde maatschappelijke context: de opkomst van het gewelddadige moslim­extremisme, dat onze waarden niet aanvaardt, en de toegenomen migratie.

Nochtans bestaan de problemen die ze verwachten op te lossen - racisme, homofobie en seksisme - al veel langer dan vandaag. De bestaande Grondwet heeft ons ook niet tegengehouden om de voorbije jaren een prioriteit te maken van inburgering of om ons hele veiligheidssysteem te versterken in de strijd tegen terreur. Het lijkt er dus op dat het debat omtrent de Grondwet en de invoering van een preambule vooral een eigen, politieke agenda dient. Maar de Grondwet is geen vodje papier dat je à la tête du client kunt aanpassen.

Een preambule zal altijd onderhevig zijn aan de hedendaagse context. Het is eigen aan de mens te denken dat wij zelf in een van de belangrijkste tijdsgewrichten ooit staan. Maar het enige dat zeker is, is dat onze Grondwet er staat en ons allen zal overleven. We zullen diepgewortelde problemen niet zomaar de wereld uit helpen door haar te wijzigen. Tenminste, dat is niet de verwachting die wij willen creëren.

Cherrypicking

Wie wil morrelen aan de Grondwet, riskeert aan cherrypicking te doen. Als we bijvoorbeeld alle recente voorstellen voor een preambule vergelijken, zien we dat de liberalen vooral de scheiding van geloof en staat en het zelfbeschikkingsrecht willen opnemen, de socialisten de solidariteitsgedachte en de groenen de ecologische en duurzaamheidswaarden. Als we dat zouden doen, dan komen we bijna tot een kopie van Titel II van de Grondwet. En dan is de voor de hand liggende vraag: wat is dan nog de toegevoegde waarde van een preambule?

Vandaar ons voorstel om in artikel 1 van de Grondwet een algemene bepaling in te voegen die naar Nederlands voorbeeld kort (maar krachtiger dan de Nederlandse tekst) de basiswaarden van onze samenleving en staat vertolkt.

'België is een democratische rechtsstaat. De overheid eerbiedigt en waarborgt de menselijke waardigheid, de vrijheid, de gelijkheid en de solidariteit van de burgers teneinde de persoonlijke ontplooiing van de burgers te bevorderen en de burgers harmonieus te laten samenleven. Openbaar gezag wordt alleen uitgeoefend krachtens de Grondwet. Ieder leeft de rechtsregels na die door het openbaar gezag krachtens de Grondwet worden uitgevaardigd.'

Wouter Beke en Servais Verherstraeten