Het doordacht belang van 6 miljoen Vlamingen

06-06-2012
Het doordacht belang van 6 miljoen Vlamingen ‘Het omgekeerde van wat democratisch in Vlaanderen werd gevraagd’. Dat is het oordeel van de Gravensteengroep over de zesde staatshervorming. De intellectuele eerlijkheid van deze groep is ver te zoeken. Hieronder waarom. 1. Brussel Halle Vilvoorde wordt op vraag van de Vlamingen gesplitst. De splitsing van het kiesarrondissement Brussel Halle Vilvoorde is al vijftig jaar een vraag van de Vlaamse Beweging. Die wordt nu gerealiseerd. Precies zoals de Vlaamse kiezers dat hebben gevraagd. Vandaag doen sommigen dit af als een non-event. Maar er zijn in het verleden regeringen over gevallen. Bovendien moeten de Vlamingen in ruil geen fundamentele of onredelijke tegenprestaties leveren. De taalgrens wordt voor 100% gerespecteerd. Het ééntalig karakter van Vlaanderen wordt bevestigd. Er is geen uitbreiding van Brussel. En ook geen corridor. Er is geen benoeming van de opstandige Franstalige burgemeesters in de rand. Er komt geen uitoefening van de bevoegdheden van de Franse gemeenschap in Vlaanderen. De Vlaamse Regering blijft onverkort haar bevoegdheden houden. 2. Slechts een Vlaamse minderheid steunt de zesde staatshervorming NIET. De Gravensteengroep spreekt graag over de grondstroom van Vlaanderen. Deze staatshervorming wordt gesteund door een meerderheid langs Vlaamse kant. Van de 88 Vlamingen die in de Kamer van Volksvertegenwoordigers zetelen, zijn er 48 die achter deze staatshervorming staan. Deze staatshervorming wordt gesteund door partijen die ongeveer evenveel Vlamingen vertegenwoordigen (2 160 715 stemmen bij de jongste verkiezingen) als Franstaligen (2 092 576). De Vlaamse oppositie is samen goed voor 1 792.891 stemmen. Dit zijn geen holle beweringen, maar reële en makkelijk te controleren cijfers. Democratie is bovendien meer dan de simplificatie ze te verengen tot de wet van de sterkste of – erger nog – de luidste. België is net zoals Europa geen homogene gemeenschap. Mocht alleen de brutale wet van de sterkste gelden, dan zouden wij met de 6 miljoen Vlamingen in België domineren, maar zouden we in de Europese Unie, met 500 miljoen inwoners, volstrekt niets te vertellen hebben. Ons land maakt met 11 miljoen inwoners 2,1 procent uit van de Europese bevolking, maar heeft in het Europees parlement wel meer dan 3 procent van de zetels. Bovendien hebben we 1 op de 27 eurocommissarissen en leveren de president van de Europese Raad. In een louter meerderheidsstelsel zouden wij veel aan macht en invloed moeten inboeten. Wat een geluk dat de democratie zoveel verfijnder werkt dan de brute kracht van het getal. Overigens, mag ik er nog even aan herinneren dat de Vlaming Wilfried Martens tussen 1981 en 1987 premier was in een regering zonder meerderheid langs Franstalige kant. Nooit is vanuit Franstalige kant de legitimiteit van die regeringen in twijfel getrokken. Laten we dus stoppen met de selectieve verontwaardiging. 3. Brussel wordt niet opgegeven De houding tegenover Brussel is bij de Gravensteengroep bijzonder dubbelzinnig. Enerzijds willen zij een evenwichtigere invulling van de hoofdstadfunctie en stellen zij dat de Vlaamse Gemeenschap stukje bij beetje uit Brussel wordt verdrongen. Quod non. Maar anderzijds willen zij alle paritaire regels opgeven. Wat betekent dit in Brussel, waar op dit ogenblik de regering paritair is samengesteld, ten voordele van de Vlamingen? Of wil men, zoals een deel van de Vlaamse beweging denkt (maar zonder het ooit echt durft uit te spreken), Brussel opgeven? Voor de splitsing van Brussel Halle Vilvoorde geen morzel grond (check!), maar voor de splitsing van België wel Brussel opgeven, dat goed is voor 25 procent van onze welvaart? Dat staat haaks op onze koers van “verstandig Vlaams”. Daaraan doen wij dus niet mee. In het Vlaanderen van CD&V blijven de Brusselse Vlamingen een volwaardige plaats krijgen. 4. Deze staatshervorming verlegt het zwaartepunt naar de deelstaten De Gravensteengroep vindt de huidige staatshervorming niet ver genoeg gaan. Hierover kan ieder zijn mening hebben. Maar niemand kan rond de vaststelling heen dat met deze staatshervorming het politiek zwaartepunt in ons land onherroepelijk naar de deelstaten wordt verlegd. Met de staatshervorming van 1980 werden de gemeenschappen en gewesten bevoegd voor 10% van de middelen van het federale niveau. Met de staatshervorming van 1988 werden de deelstaten bevoegd voor 60 % van het aandeel in middelen in verhouding tot de federale uitgaven. Het Lambermontakkoord van 2001 was goed voor 5 % extra. Met de huidige staatshervorming zullen de gemeenschappen en gewesten over 115 % van de middelen beschikken in vergelijking met deze van de federale overheid. Voor het eerst worden de middelen van de deelstaten dus groter dan het federale niveau. Het zwaartepunt is daarmee inderdaad verlegd. En met de hervorming van de senaat zullen de deelstaten in de toekomst voor het eerst rechtstreeks betrokken worden bij elke toekomstige staatshervorming. Deze staatshervorming is niet revolutionair in haar methode, omdat ze voortbouwt in onderhandelingslogica. Het is deze logica van opeenvolgende staatshervormingen die Vlaanderen tot één van de meest welvarende regio’s van de wereld heeft gemaakt met een lage armoedegraad en een niveau van welstand die tot 40 procent hoger ligt dan in Wallonië. Het is wel een staatshervorming die qua resultaat zonder meer historisch is. Ze federaliseert ons land verder dan ooit en confederaliseert het zelfs. Maar essentieel is wel – en daar wringt voor de tegenstanders het echte schoentje, al zullen ze dat nooit zeggen – dat dit gebeurt binnen een doelgerichte visie en geen verhullend separatisme. Wouter Beke